Op het terrein rond dealer Van Kesteren in Kampen staan zondag 6 april meer dan 500 klassieke en sportieve Renault’s en Alpine’s. Wimfried en zijn vrouw Ineke hebben er weer zin in.

Tekst Frank Goedhart // Foto’s Pim Voogt
Het ‘Openingsweekend Van Kesteren’ is een evenement dat jaarlijks wordt georganiseerd door alle samenwerkende Renault clubs en dealer Van Kesteren in Kampen. Het weekend geldt als de opening van het clubseizoen en geniet landelijke bekendheid. De leden van de Renault Tuning Club, Club Anciennes Renault, Club Renault Sportives en de Alpine Renault Club Nederland komen zondag naar Kampen waar extra aandacht gegeven zal worden aan het 70-jarige bestaan van Alpine, de veertigste verjaardag van de Renault 5 GT Turbo en het 10e lustrum voor Van Kesteren als gastheer.

Wimfried van Kesteren: “Of ik het een keer wilde doen, vroegen ze me tien jaar geleden en omdat er rond dit pand toen nog weinig bebouwing was konden we veel auto’s kwijt. En nu kom ik er natuurlijk niet meer vanaf, terwijl het best passen en meten is nu, op dit volgebouwde industrieterrein. Maar Ineke en ik vinden het superleuk om te doen, omdat we veel leuke en lieve mensen met heel mooie auto’s kunnen verwelkomen. Het vergt wel wat voorbereiding, maar dat hebben we er graag voor over.”



Tijdens het gesprek in zijn kantoor wordt al snel duidelijk dat er niet alleen Renault bloed door zijn aderen stroomt, hij neemt ook zijn plek in de gemeenschap in en rond Kampen serieus. Wie herinnert zich nog de dorpsgarage waar je vroeger altijd terecht kon en waar de helft van het dorp zijn nieuwe auto kocht? Die sfeer en aanpak houden Wimfried en zijn team in ere omdat ze daarmee een loyale en tevreden klantenkring aan zich binden. De klassieke Renault 4 van het bedrijf is de auto van Sinterklaas in Kampen, op de velden bij de voetbalclubs prijkt de naam Van Kesteren op sponsorborden en tijdens Koningsdag zet Wimfried onder het motto ‘schiet hem erin’ een oude Renault Kangoo neer met het raam open: “Het leukste is dan natuurlijk om een deuk in de auto te schieten, maar dat maakt helemaal niets uit. We zetten daar ook een sloopauto neer die door kinderen met grafity volgespoten mag worden. Dat komt in alle kranten en zo blijft mijn naam rondgaan. De Kampenaren zijn goed voor ons en wij zijn goed voor hen.”
‘Met de consolidatie van dealers zijn megagrote bedrijven ontstaan en daar lijkt het soms dat excel sheets en statistieken belangrijker zijn dan de klant.’
Waarom Renault? Wimfried: “Omdat het een merk is dat altijd met iets nieuws en afwijkends is gekomen. Al toen ik tien jaar was liep ik bij de dealer in Ommen rond en toen ik dertien was ging ik daar al klusjes doen. Ik kom uit een ondernemersgezin, mijn vader was de vijfde generatie schoenmaker in Ommen en misschien ben ik daardoor zelf ook ondernemer geworden. Na de IVA ben ik in 1996 als verkoper in dienst gekomen bij de Renault dealer in IJsselmuiden en toen de mogelijkheid zich voordeed heb ik het bedrijf gekocht.”


Dat was in 2002. In 2013 volgde de nieuwbouw van het huidige pand in Kampen en vandaag is Van Kesteren nog een van de weinige ‘kleinere zelfstandige’ dealers in het land en dat wil hij graag zou houden. Wimfried: “Bij mij staat echt klanttevredenheid voorop en natuurlijk zegt iedereen dat, maar ik denk dat er mensen zijn die hun Renault bij ons kopen terwijl er bij hen dichter in de buurt een grotere dealer is. Dat heeft met persoonlijke aanpak te maken. Alles moet kloppen, de showroom moet schoon zijn, de auto’s gepoetst en er moeten goede koffie zijn en aandacht voor elke bezoeker, Daarmee wordt duidelijk wie we willen zijn. Bij ons hoef je geen afspraak te maken voor een proefrit, want wij kunnen elke auto in vijf minuten klaarzetten om te rijden. Mensen moeten een auto kunnen voelen en beleven voordat we zelfs maar over de prijs praten. Want daar komen we altijd wel uit.”





“Er is wel het een en ander veranderd in dealerland tijdens ons bestaan. Met de consolidatie van dealers zijn megagrote bedrijven ontstaan en daar lijkt het soms dat excel sheets en statistieken belangrijker zijn dan de klant. Ook vanuit Renault zelf wordt de administratieve belasting steeds groter: klanttevredenheidsonderzoeken, aanleveren van cijfers, kwaliteitsmetingen en meer. Dat vind ik wel jammer, want hoe meer we daarmee bezig moeten zijn hoe minder tijd we overhouden voor dat waarom het eigenlijk allemaal draait: mooie auto’s en leuke mensen. Als dat je prioriteit is, dan volgenb de omzet en loyaliteit vanzelf.”
‘De beste auto, met afstand, is voor mij de hedendaagse Alpine A110’
Wimfried heeft zelf een stuk of achttien klassieke Renault’s en Alpine’s verzameld en een deel van die auto’s staat in en om de showroom, ook in verband met het komende evenement. Wimfried somt op: “Ik heb ooit een Renault 5 Turbo laten staan omdat ik 40.000 euro te veel geld vond. Nu wisselt een erg goed exemplaar met lage kilometerstand al voor rond de twee ton van eigenaar. Gelukkig zijn er nog genoeg leuke auto’s die ik niet aan me voorbij heb laten gaan. Zoals een van de eerste Twingo’s, een Clio V6 Phase 1, een Avantime, een Alpine A110, een klassieke Renault-Alpine A110 Berlinette en een Clio 3 RS in speciale ‘Renault F1 Team’ uitvoering ter gelegenheid van de kampioenschappen van Alonso in 2005 en 2006. Maar ook een Clio Williams, de rode Renault 4 die nu in de showroom staat én mijn eerste Renault 5 Alpine Turbo die ik zelf opgeknapt heb. Onlangs heb ik een eerste Scenic gekocht, helemaal in goede staat, die vind je normaal gesproken nergens meer. En een Renault 25 V6 Baccara, nog zo’n geweldige auto. Die Renault 4 uit 1986 is trouwens een auto waar iedereen een verhaal bij heeft, over zijn vader, buurman, tante, studententijd en ga zo maar door.”




De vraag naar zijn favoriete Renault vindt hij moeilijk te beantwoorden. “Die eerste Renault 5 Alpine Turbo heeft grote emotionele waarde. Maar ik vind rijplezier wel heel erg belangrijk en dan is het toch inmiddels een oude auto met wat haken en ogen. De Alpine A106 die door Classic Mike is gerestaureerd (en die in Octane Magazine heeft gestaan) en nu hier in de showroom staat, heb ik vanuit Zeewolde hier naartoe gereden en hoewel dat zijn charme heeft, is het geen hele fijne rit in zo’n auto. Het rijplezier is groter in een wat jongere auto zoals de Clio Williams die ik heb. Daarmee kun je echt nog veel plezier hebben.

Voor lange vakantiereizen met het gezin pak ik de Avantime V6, best een gecompliceerde auto met wat onderhoudsaandacht, maar zo ongelofelijk comfortabel; dak open, zijramen open en met brommende zescilinder over kleine Franse wegen zoeven, heerlijk!”

“Met afstand de beste auto is voor mij de hedendaagse Alpine A110. Het is heel knap dat het merk na meer dan 25 jaar afwezigheid weer tot leven gewekt is met zo’n creatie. Ik heb mijn A110 als een van de eersten in 2018 gekocht en ik heb er nooit een probleem mee gehad. Hij rijdt fantastisch en ziet er ook nog eens tijdloos mooi uit. Het is ook knap dat het merk nu actief is in de Formule 1, in het WEC én dat ze met Sebastien Loeb weer gaan rallyrijden. Dat er een aandrijving van Mercedes in de F1-auto komt is wel even slikken, maar goed, ze zijn er wel en dat geeft het merk toch extra uitstraling.”
‘Renault heeft met de 5 E-tech echt een superleuke auto gebouwd, volgens mij de fijnst rijdende Renault van het moment.’
Over de strategie van het merk Alpine vertelt Wimfried dat hij het zakelijk helemaal snapt, dat je meerdere modellen moet hebben om een merk te laten overleven. Vandaar die ‘dream garage’ met de A290, A390, de nieuwe A110. Elektrisch rijden vindt hij helemaal niet verkeerd: “Als ik straks 80 jaar ben en met wat mensen uit de autowereld terugkijk, dan denk ik dat dit de periode is waar we het over zullen hebben. Die transitie naar elektrisch en misschien ook waterstof is echt een gigantische overgang die de hele industrie aan het opschudden is. Elektrisch rijden is superfijn. Zelf hou ik niet van hybride auto’s omdat dat een compromis is tussen twee betere varianten. Voor de goede orde, het is wel de meest verkochte variant vandaag de dag.

Renault heeft met de 5 E-tech echt een superleuke auto gebouwd. Hij is licht en wendbaar, heeft een multilink achterwielophanging en is daarmee volgens mij de fijnst rijdende Renault van dit moment. Bovendien ziet hij er ook nog eens goed uit en is betaalbaar. Dat er varianten zoals de A290 en de 5 Turbo 3E van worden afgeleid is alleen maar goed en dapper. Welk merk durft zulke auto’s nog uit te brengen en risico te nemen? Renault zet de traditie van ‘nieuw en afwijkend’ door, net zoals toen bijvoorbeeld met de R4, R16, Espace, Scenic en de Avantime. Die laatste is geen succes geworden doordat de auto een veel te lange ontwikkelingstijd heeft gehad. Toen hij uitkwam was het een hypermodern design op verouderde techniek.”



Over de toekomst van zijn eigen bedrijf is hij nog zoekende: “Als ik met pensioen ga of het bedrijf uiteindelijk verkoop, dan lijkt het mij wel leuk om in een mooi halletje, of in de schuur van de boerderij die ik nu aan het verbouwen ben, een leuke collectie te hebben en daar ook aan klassieke Renault’s van anderen te werken. De klassieke Renault-Alpine A110 in de showroom wordt dan mijn eerste restauratieproject. Maar ik moet ervoor zorgen dat mijn bedrijf dan wel in goede handen komt, van iemand die net als ik investeert in de relatie met de klant. Een simpel uitgangspunt: zorg dat je klant niet weggaat, dan kun je blijven groeien. Wanneer je goed bent voor je klanten, zijn je klanten goed voor jou.”


Terug naar de openingsmeeting van zondag: “We hebben er zin in. Het gaat toch weer over gemeenschapszin en als je het enthousiasme van de deelnemers ziet, krijg je vanzelf veel energie. Er komen ook kleinere clubs, zoals de Avantime Club en de Renault Wind Club, die toch ook met zo’n vijftien auto’s komt aanrijden. Vorig jaar hadden we een vooroorlogse Renault uit 1905 maar nu hoorde ik dat er in Vlagtwedde een auto uit 1901 staat. Helaas ligt die in onderdelen uit elkaar, dus die bewaren we tot de volgende editie. Maar dat het weer een feest gaat worden, daar ben ik nu al van overtuigd.”


